Stichting Kies voor Leven - voor een hartveilige leefomgeving

Statuten en Organisatieoverzicht

Bij iedere stichting horen officiële statuten en een huishoudelijk reglement. Daarin wordt de rechtsvorm duidelijk die we gekozen hebben en de belangrijkste doelstellingen. Tevens krijg je te zien hoe onze stichting formeel functioneert. De taal in statuten is altijd een formeel-juridische en daarmee niet altijd even makkelijk leesbaar.

STICHTING KIES VOOR LEVEN

Op veertien september tweeduizend vier, verschenen voor mij, Mr. Johannes Josephus Gerardus Vincentius Reijs, notaris te Mill:

1. de heer Antoon Lambertus Herman HERMSEN, geboren te Mill en Sint Hubert op zesentwintig februari negentienhonderd achtendertig, (26/02/1938); (enz.)

2. mevrouw Lamberdina Johanna Maria KORTE, geboren te Grave op vijfentwintig juli negentienhonderd eenenveertig, (25/07/1941); (enz.)

De comparanten verklaarden bij deze akte een stichting op te richten en daarvoor vast te stellen de volgende:

STATUTEN

Naam en Zetel

Artikel 1
1. De stichting draagt de naam: Stichting Kies voor Leven
2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Mill en Sint Hubert

Doel

Artikel 2

1. De stichting heeft ten doel:

a. het verbeteren van de overlevingskansen van personen met een plotse hartstilstand door het ontwikkelen van maatschappelijk draagvlak, het geven van voorlichting over defibrilleren en het stimuleren van het gebruik van Automatische Externe Defibrillatoren in noodsituaties.
b. het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn.

2. De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door ..............

a. het ontwikkelen van maatschappelijk draagvlak om samen met de hulpdiensten te werken aan een aanpak waarbij iedereen een bijdrage levert aan de overleving van de plotse hartstilstand patiënt;
b. het bevorderen van het inzicht in en de kennis over de plotse hartstilstand en wat er zelf aan levensreddende hulp geboden kan worden;
c. Het bevorderen van Automatische Externe Defibrillatoren en getrainde bedieners op openbare plekken, in de werkomgeving en op plaatsen waar veel mensen aanwezig zijn;
d. het geven van voorlichting in de breedste zin van het woord over het gebruik van Automatische Externe defibrillatoren (AED);
e. het opzetten van een voorlichtende website over de doelstelling;
f. alle verdere activiteiten binnen de wet die de doelstellingen van de stichting ondersteunen.

Vermogen

Artikel 3

Het vermogen van de stichting zal worden gevormd door:
1. subsidies, donaties en sponsoring;
2. alle andere verkrijgingen en baten.

Bestuur

Artikel 4

1. Het bestuur van de stichting bestaat uit ten minste drie leden. Het aantal bestuursleden wordt - met inachtneming van het in de vorige zin bepaalde - door het bestuur met algemene stemmen vastgesteld.
2. Het bestuur (met uitzondering van het eerste bestuur, waarvan de leden in functie worden benoemd) kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De functies van secretaris en penningmeester kunnen ook door één persoon worden vervuld.
3. Bestuursleden worden benoemd voor onbepaalde tijd. Bij het ontstaan van een (of meer) vacature(s) in het bestuur, zullen de overblijvende bestuursleden met algemene stemmen (of zal het enige overblijvende bestuurslid) binnen twee maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van een (of meer) opvolger(s).
4. Ingeval van één of meer vacatures in het bestuur vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het overblijvende bestuurslid, een wettig samengesteld bestuur.
5. De bestuursleden genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten.

Bestuursvergaderingen

Artikel 5

1. De bestuursvergaderingen worden gehouden ter plaatse als bij de oproeping bepaald.
2. Ieder kalenderkwartaal wordt ten minste één vergadering gehouden.
3. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer één van de bestuursleden daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten de oproeping doet.
4. De oproeping tot de vergadering geschiedt ten minste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door middel van oproepingsbrieven.
5. De oproepingsbrieven vermelden, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.
6. Zolang in een bestuursvergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
7. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter; bij diens afwezigheid voorzien de aanwezigen zelf in de leiding van de vergadering.
8. Van het verhandelde in de vergaderingen worden notulen gehouden door de secretaris of door één van de andere aanwezigen, door de voorzitter van de vergadering daartoe aangezocht. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en secretaris hebben gefungeerd.

Bestuursbesluiten

Artikel 6

1. Het bestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde bestuursleden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Een bestuurslid kan zich ter vergadering door een ander bestuurslid laten vertegenwoordigen op overlegging van een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter van de vergadering voldoende, volmacht. Een bestuurslid kan daarbij slechts voor één ander bestuurslid als gevolmachtigde optreden.
2. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijk, al dan niet per enig telecommunicatiemiddel, hun mening te uiten. Van een aldus genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na medeondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.
3. Ieder bestuurslid heeft het recht tot het uitbrengen van één stem. Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
4. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij één bestuurslid vóór de stemming een schriftelijke stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
5. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
6. In alle geschillen omtrent stemmingen, niet bij de statuten voorzien, beslist de voorzitter van de vergadering. Bestuursbevoegdheid

Artikel 7

1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
2. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen.
3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt, tenzij het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuursleden.
4. Erfstellingen mogen slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.

Vertegenwoordiging

Artikel 8

1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuursleden.
3. Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuursleden, alsook aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.

Einde bestuurslidmaatschap

Artikel 9

1. Een bestuurslid kan door het bestuur worden ontslagen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, waarbij het bestuurslid wiens ontslag aan de orde is géén stemrecht heeft en niet meetelt bij de berekening van bedoelde meerderheid.
2. Het bestuurslidmaatschap van een bestuurslid eindigt voorts:
a. door zijn overlijden;
b. wanneer hij het vrije beheer over zijn vermogen verliest;
c. door schriftelijke ontslagneming (bedanken);
d. door ontslag op grond van artikel 2:298 Burgerlijk Wetboek.

Boekjaar en jaarstukken

Artikel 10

1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
2. Per het einde van ieder boekjaar worden de boeken van de stichting afgesloten. Daaruit worden door het bestuur een balans en een staat van baten en lasten over het geëindigde boekjaar opgemaakt, welke jaarstukken vervolgens door het bestuur worden vastgesteld.

Reglement

Artikel 11

1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, die naar het oordeel van het bestuur (nadere) regeling behoeven.
2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
3. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of op te heffen.
4. Op de vaststelling, wijziging en opheffing van het reglement is het bepaalde in artikel 11 lid 1 van toepassing.

Statutenwijziging

Artikel 12

1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Het besluit daartoe moet worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat wijziging van de statuten aan de orde zal worden gesteld en bij welke oproeping de woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging is gevoegd, alles onverminderd het bepaalde in de artikelen 4. en 5.
2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. Ieder bestuurslid afzonderlijk is bevoegd de desbetreffende akte te verlijden.

Ontbinding en vereffening

Artikel 13

1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 11 lid 1 van toepassing.
2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is.
3. Bij de ontbinding van de stichting geschiedt de vereffening door het bestuur.
4. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. Voor zover dat nog geen deel uitmaakt van het ontbindingsbesluit, bepaalt het bestuur welke bestemming, na betaling van alle schulden, aan de overgebleven bezittingen van de stichting (het vereffeningssaldo) zal worden gegeven, met dien verstande, dat het saldo moet worden bestemd voor een doel dat het doel van de stichting zoveel mogelijk nabij komt. Voor dit nader besluit tot bestemming van het vereffeningssaldo gelden dezelfde vereisten als gelden voor het besluit tot ontbinding.
5. Een overschot na vereffening wordt uitgekeerd zoals door de vereffenaars te bepalen.
6. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende tien jaren berusten onder de door de vereffenaars aan te wijzen persoon.

Slotbepalingen

Artikel 14

In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.

Artikel 15

De eerste bestuursleden worden bij de akte van oprichting benoemd.

Slotverklaringen

Tenslotte verklaarden de comparanten:

1. Tot bestuursleden van de stichting zijn benoemd:
1. de comparant sub 1. als voorzitter;
2. de comparant sub 2. als secretaris/penningmeester

2. Het eerste boekjaar van de stichting eindigt op eenendertig december aanstaande. De comparanten zijn mij, notaris, bekend en de identiteit van de bij deze akte betrokken comparanten/partijen is door mij, notaris, aan de hand van de hiervoor gemelde en daartoe bestemde documenten vastgesteld.

DEZE AKTE is verleden te MILL op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. De zakelijke inhoud van de akte is aan de comparanten opgegeven en toegelicht. De comparanten hebben verklaard op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen en tijdig voor het verlijden een ontwerpakte te hebben ontvangen en van de inhoud van de akte te hebben kennis genomen en te zijn gewezen op de gevolgen, die voor partijen uit de akte voortvloeien. Deze akte is beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna ondertekend, eerst door de comparanten en vervolgens door mij, notaris.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Bestuur

Artikel 1

1.1. Het dagelijkse bestuur is belast met de dagelijkse gang van zaken en de voorbereidingen en uitvoering van de besluiten van het bestuur.

Bestuursbesluiten

Artikel 6

6.2. Conform de statuten (zie bestuursbesluiten, artikel 6, punt 2 ) is het toegestaan om buiten een vergadering om besluiten nemen, al dan niet per enig communicatiemiddel (telefoon, brief of email).

Wijziging huishoudelijk reglement.

Artikel 3

Wijzigingen in dit huishoudelijk reglement komen tot stand met inachtneming van het bepaalde in artikel 11.1, 11.2, 11.3 en 11.4 van de statuten.

Aldus vastgesteld door het bestuur van de Stichting Kies voor Leven, bijeengeroepen ter vergadering van 21.09.2005 en 29.11.2005 te Mill.

 

terug naar de vorige pagina

 

[ naar de top ]

plaatje40plaatje2plaatje43